donderdag 10 december 2015

Kunstje

We konden er geen genoeg van krijgen. Telkens keerden meneer K en ik terug naar dit schilderij, gisteren tijdens de Turner tentoonstelling 'Gevaar en Schoonheid' in het Rijksmuseum Twenthe in Enschede. Alles was er geweldig aan, zoals alles bij Turner geweldig is. Zijn bravourderige, lefgozerige, maar altijd trefzekere verfstreken die van de wereld één grote mysterieuze lichtgevende bruisende tol maken. Ik dacht aan het verhaal dat over hem rond gaat, dat hij zich ooit tijdens een storm liet vastbinden aan de mast van een schip, omdat hij de storm wilde voélen. En de vellen van zijn kop liet hagelen. Afijn, sjuust op dat moment kwamen er twee oudere dames naast ons staan. Ze keken verveeld naar het schilderij voor ons. 'Ja, zeg' mopperde dame 1, 'nu weten we het wel hoor. Nu wordt het wel een beetje een kúnstje.' Ze keek obstinaat om zich heen. Niemand die haar gek ging krijgen. Dame 2 knikte. 'Ik begrijp hélemaal wat je bedoelt,' zei ze ferm. 'Een kúnstje. Dat is het.' 'Precies,' ging dame 1 verder terwijl haar handen geforceerd frivool de lucht schilderden. 'Pief paf poef...'



J.M.W. Turner, R.A, Dolbadern Castle, 1800, oil on canvas, ©Royal Academy of Arts, London; photo Prudence Cuming Associates

zaterdag 28 november 2015

Mooi werk

Er wordt veel kunst gemaakt. Als in véél. Dat is mooi en irritant tegelijk, want ik vind maar zelden iets goed. Vaak vind ik het te oppervlakkig, te gewild, te commercieel, te dit, te dat, te zus, te zo, kortom, ik ben een zeikerd. Maar toen zag ik werk van Har van der Put. En dat werk denderde met een rotvaart mijn hoofd binnen. En niet omdat het naar aandacht schreeuwt, nee, juist vanwege de ingetogen, desolate, eenzame sfeer die er omheen zweemt en die een beetje zeer doet als je ernaar kijkt, maar tegelijkertijd troost biedt. Zonder ooit plat te worden, of zich op te dringen. En als je dat kan, ben je een grote heej. Ik zou er nog uren rete-enthousiast over door kunnen gaan, want ik ben superfan, maar dat doe ik niet. Koek zelf maar: http://www.harvanderput.com/#!recent-paintings/ck2b

decay of modernism (Har van der Put)

vrijdag 20 november 2015

Bowie rules

En waar de Stones op hun oude dag als ingedroogde pruimpjes en brave fabrieksarbeiders hun saaie coupletjes en refreintjes opdreunen, Bob Dylan (hear this, Robert Zimmerman) met een stem als een ingestort zandkasteel de podia afstrompelt, komt meneer Bowie, Mr Coolness himself, hier, op zijn goddomme bijna 70e, retestrak met deze freaky shit aanzetten. Verontrustend mooi vind ik het, experimenteel, jazzy zelfs hier en daar, gedurfd atonaal, lyrisch dramatisch en met een stem die klinkt alsof ie nooit ouder werd dan Ziggy Stardust. Mijn kudoos van de dag, wat zeg ik, van de wéék, gaan naar mr Jones, hoor. En buigingen ook. Hele diepe.

Grappig detail: het begin van Blackstar lijkt behoorlijk veel op het begin van 'Mer Girl' van Madonna (Ray of Light)! Luister maar: https://www.youtube.com/watch?v=tuOprxsklmk



maandag 16 november 2015

Expo Kees van der Knaap en Barend van Hoek in Rotterdam

In de categorie De wereld is kut maar gelukkig zijn er ook nog mooie dingen: 
Expo Barend van Hoek (de wereld van meisjes in karton) en Kees van der Knaap (monumentaal grote tekeningen/schilderijen) in de Fenixloods te Rotterdam. Opening a.s zaterdag 21 november om 15.00 De toegang is vrij. Verder is er bier. En wijn. En troost. Heel veel troost.



donderdag 12 november 2015

Mannen, hobbels en foutcodes



Ik zit met Rick in mijn auto. Type zilveren kogel, sportmodelletje. Rick rijdt. ‘Pittig karretje,’ mompelt hij tevreden en duwt het gaspedaal nog eens extra in terwijl hij de auto recht op een drempel afstuurt. ‘Hou je vast,’ roept Rick, ‘komt –ieeee,’ en zjoef, heel eventjes vliegen we als heuse munitie door de lucht.

We zijn op zoek naar ‘de hobbel’, Rick en ik. Al weken voelt het alsof er een bult in mijn wiel zit, en omdat ik er zeker van wil zijn dat ik geen gevaar loop (kapotte aandrijfassen, schokdempers) ben ik bij mijn garage langsgegaan. Hoewel garage een groot woord is voor een schuur met wat kapotte auto’s erin. Toch zweer ik bij Rick. Rick maakt alles. Goedkoop en snel. Vorig jaar kwam ik met een kapotte auto, dankzij de ANWB-meneer die mij van de weg sleepte, bij een ‘echte’ garage terecht, met etalages en koffiecorners en daar heb ik nog steeds spijt van. Wekenlang duurde het voor ze er achterkwamen wat er mis was en het kostte minstens drie grote mensenribben om het euvel op te lossen. Als ik dit aan Rick vertel schudt hij zijn hoofd. ‘Je had zeker foutcode F met een P1805 melding?’ Ik knik. ‘En toen hebben ze zeker je hele koppeling vervangen?’ Ik knik. ‘En toen deed ie het zeker nóg niet en kreeg je foutcode L8900 en gingen ze je stuurkogel en remmen vervangen?’ Ik knik weer. Rick glimlacht. Die Easytronicssytemen hebben voor hem geen geheimen meer. Hij had dit in een paar dagen opgelost. Voor de helft van de helft van de helft. Samen met een mannetje in Almelo die gespecialiseerd is in auto’s als de mijne. ‘Kwestie van goed luisteren,’ weet Rick. ‘Je oor op de auto leggen.’

‘Je rijdt zeker veel de laatste tijd,’ constateert hij terwijl de wielen van mijn dieseltje gevaarlijk dicht langs een sloot gieren. ‘Hoe weet je dat?’ vraag ik verrast. ‘Ik voél dat,’ antwoordt Rick tevreden. ‘Je moet straks thuis wel even de olie aanvullen, hoor. Dat voel ik ook.’ Ik vraag me af wat Rick nog meer voelt en staar dromerig uit het raam, terwijl hij met 120 km per uur een eenzame fietser afsnijdt. De achterband maakt inmiddels een razend geluid. ‘Is dat nou ‘cuppen’?’ vraag ik. Rick kijkt me bewonderend aan. Dan vertelt hij over zijn eigen auto, een Volkwagen diesel, ook brede bandjes, sportmodelletje, net als die van mij. Hij laat hem me straks wel even zien, en verwachtingsvol peilt hij mijn blik. Ik probeer zo enthousiast mogelijk te kijken. ‘Fijn, Rick,’ roep ik blij. Als we na tien duivelse rondjes over het platteland heelhuids bij de garage zijn teruggekeerd, rijdt Rick me naar een blinkend geel VW-Golfje, type kanarie, dat woest scheef geparkeerd staat. ‘Dit is hem,’ meldt hij trots en zet mijn auto er zo strak naast dat ik alle butsjes in het metaal kan zien. Er hangt een foto van een lief kijkend meisje aan de achteruitkijkspiegel. Ze beweegt licht heen en weer, als in een ingetogen dansje. Deze auto mag dan van Rick zijn, zij bewoont en bewaakt het interieur. Ik draai mijn hoofd overdreven in alle standen en prijs de glanzende spoilers, de viperstripes die tot over het dak heenlopen.

Rick rijdt mijn karretje de brug op, gaat eronder staan en hengst met een stuk staal op mijn dragende delen. ‘Kom,' wenkt hij, en schijnt mij met een kooilamp bij terwijl ik de smeerkelder instap. Ik vind mezelf hier prima passen, met mijn zwarte enkellange jas en stoere tuigleren cowboylaarzen eronder. Alsof ik zo uit het asfalt kom gekropen. Urenlang zit ik elke week in deze auto en nooit zie ik de wereld eronder. De veren, de vastgekoekte moeren, de roest, de olie. Het ziet er allemaal zo kwetsbaar uit en inwendig huiver ik een beetje. ‘Hij houdt je wel, hoor,’ stelt Rick me gerust, alsof hij mijn gedachten kan lezen. ‘In dit karretje ben je veilig,’ en hij slaat zo hard op het staal dat ik van schrik achterover sla. Rick lacht uitbundig en rijdt mijn autootje weer van de brug af. Daarna geeft hij me het nummer van ene Sjonnie die in een split second deuken in velgen kan ontwaren waarna zijn beste vriend Stef ze er voor een prikkie uithaalt. ‘Zeg maar dat je van mij komt.’

Even ben ik jaloers. Ik wil ook een Sjonnie in de wereld van Rick zijn. Mijn oor op metaal leggen en in foutcodes mompelen. Ik hou van deze wereld vol mannen die in schuren dingen maken en verder niet lullen. Dat had ik vroeger al. Als mijn vader of opa mij meenamen naar hun ‘mannetjes’, al mijn sociale fobieën ten spijt. Die verdwijnen namelijk als sneeuw voor de zon zodra ik zo’n smeerkelder instap. Ik wilde niet voor niets als kind al automonteur worden. Sip kijk ik om me heen. Waarom moest ik nou zo nodig gaan ‘schrijven’. Me begeven in literaire hoofdwerelden, met hoofdmannetjes- en vrouwtjes die me altijd een beetje zuur en wantrouwend aankijken, alsof ik er toch nooit helemaal tussenpas, met mijn cowboylaarzen en volkse aard.

Dankbaar schud ik Rick de hand. In de auto bel ik Sjonnie. Als ik Rick zijn naam noem gilt ie het uit. Ik moet gelijk komen. De koffie staat klaar. Stef is er ook. Wat voor n type heb ik? Easytronic? Oh nee hè, foutcode F al eens gehad? Ja? Jezus heej, wie niet. Ik kom zeker voor de hobbel? Dan is hij mijn man. Ben ik er al bijna? Bij het industrieterrein gelijk links hè. Ik weet wel, bij die schroothoop. Hij gaat nu koffie zetten. Melk, suiker? 

zondag 11 oktober 2015

Bundelpresentatie Vuurmakers

Uit de prospectus: Vuurmakers is ontstaan in een periode waarin de dichteres bezeten heen en weer reisde tussen een ineenstortende wereld vol dood en liefdesverdriet en een lang verborgen, ontluikende liefde. 
Niet voor niets vloeien de liefdesgedichten in Vuurmakers volledig samen met de donkere wereld, zoals die wordt gecreëerd door beeldend kunstenaar Kees van der Knaap. Als een bezwerende stem waadt de poëzie door een naamloze stad vol verval en onheilspellende taferelen op zoek naar het punt ‘waar ik ooit ophield en begon.’

Zondag 8 november presenteren wij 'Vuurmakers' in het Kunstenlab Deventer, waar tevens de expositie van de tekeningen uit de bundel start. Er zullen gastoptredens zijn van dichters Lammert Voos, Runa SvetlikovaPeter Drehmanns en Leo Hermens. Ikzelf draag voor met muzikant Jaap van Keulen die de poëzie met prachtige soundscapes zal laten knetteren, deinen en vlammen. Goede vriend en redacteur Koen Vergeer zal de bundel inleiden. 

Iedereen is van harte welkom.

Kunstenlab, Scheepvaartstraat 12, 7411 CH, Deventer

De expo Vuurmakers (gedichten en tekeningen) zal tot januari in het Kunstenlab te zien zijn, daarna (februari 2016) verhuist het hele circus naar Concerto, Amsterdam.

vrijdag 11 september 2015

Preview: Vuurmakers


Preview: Vuurmakers nummer XII. Uit de gelijknamige bundel die 22 oktober zal verschijnen met liefdesgedichten van Johanna Geels en tekeningen van kunstenaar Kees van der Knaap. (klik op de afbeelding om deze te vergroten)




dinsdag 21 juli 2015

Vuurmakers (liefdesgedichten en tekeningen)

Vanaf 22 oktober verkrijgbaar: Vuurmakers, met liefdesgedichten van Johanna Geels en tekeningen van kunstenaar Kees van der Knaap.

Vuurmakers trekt de lezer onmiddellijk een eigenzinnige wereld binnen, die bol staat van extatisch genot, mystieke duddelgeesten en hitsige schikgodinnen. Lyriek die niet bang is over de top te gaan, en tegelijk plat en aards kan zijn.
Vuurmakers is ontstaan in een periode waarin de dichteres bezeten heen en weer reisde tussen een ineenstortende wereld vol dood en liefdesverdriet en een lang verborgen, ontluikende liefde. In haar meest eigen element, de taal, trotseert Geels niet alleen de aloude stormen, maar exploreert zij tevens een nieuwe vorm van overgave.
Niet voor niets vloeien de liefdesgedichten in Vuurmakers volledig samen met de donkere wereld, zoals die wordt gecreëerd door beeldend kunstenaar Kees van der Knaap. Als een bezwerende stem waadt de poëzie door een naamloze stad vol verval en onheilspellende taferelen op zoek naar het punt ‘waar ik ooit ophield en begon.’


maandag 6 juli 2015

Verrot scheef

Apeldoorn, H&M vrijdagmiddag. In het pashokje naast mij:
‘Ja, kijk maar niet, hoor, ik zie er dus niet uit.’
‘Ik dacht dat je het recht zou laten zetten?’
‘Mijn moeder zegt dat ik dan eerst 18 moet zijn.’
‘Jezus heej, dat duurt nog bijna twee jaar!’
‘Ja, psies, en al die tijd is het dus scheef.’
‘Pffff…echt wel erg.’
‘Ja, verrot erg gewoon.’
‘Lindsay heeft het ook.’
‘Lindsay??’
‘Ja, Lindsay.’
‘Die is echt ZO erg. Weet je wat ze gister zei, toen ze bij ons in de auto zat?’
‘Nee, wattan?’
‘Dat Dewi niet spoorde. En Melissa ook niet.’
‘Die spoort toch ook niet?’
‘Wie, Dewi?’
‘Nee, Melissa.’
‘Ja, maar Dewi wel.’
‘Lindsay is minder scheef dan ik hoor. En die gaat er volgende week al wat aan doen. Die moeder vind dat goed. Vet raar.’
‘Ja, vet raar.’
‘Ik zou die blauwe nemen. Dan lijk je slanker.’
‘Ik ben hartstikke dik in dat ding.’
‘Dan neem je toch die zwarte?’
‘Vind jij me dik in die blauwe dan…’
‘Dat zei ik toch niet muts, maar je moet jezelf er wel lekker in voelen. Ja toch?’
‘Wrgblrooe’
‘Wat doe je?’
‘Mun slipper zit vast. Kep van die kutknobbels op mun tenen. Joeri zegt dat alleen ouwe vrouwen dat hebben. Zoas me moeder, dus. En die heeft ze nog niet eens, en die is vet oud. Vijfenveertig of zoiets’
‘Joeri is gek.’
‘Eg wel.’
‘Ga jij nog zwemmen, morgen? Bij Bussloo?’
‘Mwa, kep geen bikini, alleen die van vorig jaar, en die kan echt niet meer.’
‘Haal je er nu toch eentje?’
‘Neeee, kweet nie eens wat voor een maat ik heb. Ben hartstikke aangekomen, na dat gedoe met Manolo, jeweetwel.’
‘Oja. Zie je hem nog wel es?’
‘Nee, tss, wat denk jij…, de klootzak. Kijk jongens zijn jongens, die zijn sowieso al dom van geboorte, maar dat meisjes elkaar d’r zo inluizen, snap jij dat nou?’
‘Kutsloeries.’
‘Nou ja, zo leuk was ie nou ook weer niet. Hij dee niks anders dan gamen, hejje ook niks an.’
‘Zit zij dur lekker mee.’
‘Dat zeg ik.’
‘Zullen we maar naar huis gaan, dan?’
‘Neem jij niks?’
‘Nee, kom, we gaan naar de supermarkt. Eten kopen voor vanavond, voor op de bult, jij gaat ook naar de bult toch?’
‘Ask mag van me moeder.’
‘Jezus, jij mag ook niks.’
‘Nee, verrot erg.’
‘Ja, eg wel.’

Als ik het deurtje van het pashokje naast mij open hoor gaan, kan ik het niet nalaten even te spieken. Twee prachtige kaarsrechte slanke meiden lopen giechelend de winkel uit.



dinsdag 30 juni 2015

Vergeten gedichten ( Buttie Biep noemt zijn hobbies)


Soms vind ik in de krochten van Word een gedicht dat ik allang vergeten was. Meestal niet geheel onterecht, overigens. 

Buttie Biep (uit 2008) is er zo eentje. Geen wereldgedicht, geen voer voor contemplatie en al helemaal niet geschikt voor een plek in een bundel. Nee, 'gewoon' Buttie die uitlegt wat ie met plastic zakken en stoephoeren doet. Go Buttie!




Buttie Biep noemt zijn hobbies

Regionale omroep, zondagmiddag 14.00:

Buttie Biep noemt zijn hobbies zaklopen,
dakpanschilderen en vingerpunniken
een groot succes.

‘Zonder de hobbies was ik nergens,’
zegt Buttie tijdens de Kulturele Pleinmarkt
van Schoffelswoude.

Plastic tassen waren welkom op het volgende
adres dat we niet konden verstaan omdat Buttie
er een verhandeling tussendoor jouwde over
burenbarbequeherries.

Wat hij met die tassen deed dan weer wel.
Iets met het over de hoofden van plaatselijke
stoephoeren heen trekken en met een pilsje
erbij staan wachten tot het niet meer bewoog.

Daarna kwam een filmpje.



zaterdag 30 mei 2015

Een kleine kromme Jezus (uit Ongearticuleerd gorgelen)



Ik zit in een hip café in Lissabon en aai wat over mijn telefoon. Ik heb geen berichten, geen whatsappjes en geen facebookberichten ontvangen en ben nog maar drie dagen van huis. Nu al vergeten dus.

De tent is ingericht met oude meuk. Hoe ouder de inrichting, hoe hipper de tent en hoe mooier de mensen. Dat klinkt als een formule en is het vast ook. De straat voor het café lijkt het decor voor een reclamefilm. Overal mooie jonge mensen. In elkaar verstrengeld, druk pratend, zoenend, elkaar, zichzelf fotograferend, bussen in en uit springend. Druk met hun geslaagde levens.
      Ineens staat hij daar. In de mooiemensenmassa. Hoogstens één meter tien lang. Zwarte broek, zwarte blouse die op zijn rug opbolt omdat daar een bochel groeit. Zijn hoofd is veels te groot voor het bijbehorende lichaampje zodat het lijkt of de dwerg, want ik kom van de weeromstuit niet zo snel op de politiek correcte benaming, enorm zijn best moet doen om niet om te vallen. Lange haren en een grijze baard omlijsten zijn sereen lachende gezicht. Een kleine kromme Jezus, daar doet hij me aan denken. Hij heeft een tas in zijn armen geklemd. Een grotenmensentas. Met zijn dwergarmpjes lijkt het alsof hij een berg meetorst. Hij raced desondanks geoefend de drukke straat over en staat plotseling stil voor de mooiemensentent. Strijkt nadenkend door zijn baard. Ik roep onderwijl alle goden van de wereld aan. Ik wil niet dat de dwerg de tent inkomt. Ik vind hem eng en ga van hem dromen, dat weet ik zeker.
      Natuurlijk stapt de dwerg naar binnen. Hij gaat midden in de mooiemensentent staan en is heel dichtbij nu. Alle mooie mensen hebben hem gezien en allemaal gaan ze nog harder over hun telefoon aaien. Ik ook. De dwerg staat in het midden. Hij lijkt te groeien en glimlacht. Hij weet hoe het werkt. Er is nog één tafeltje in het café vrij. Naast dat van mij. De dwerg kruipt naast me op de bank.
      Mijn telefoon-aaiduim maakt overuren. Ik whatsapp iemand die allang een ander nummer heeft. Ik check de buienradar van Twello, en nu ik toch bezig ben, ook maar gelijk die van Roelofarendsveen. Ik doe alles om de dwerg over het hoofd te zien. Deze leunt gemoedelijk met zijn armpjes op de tafel die eigenlijk te hoog voor hem is.
      Het zweet breekt me uit. Aan de andere kant voel ik diep medelijden. Dat wil hij niet, zegt een boze stem in mij. Kleine mensen hebben gewone levens met banen en dromen en vrije dagen. Ze spelen heus niet allemaal in rare films. Maar ik weet niks anders. Het gaat niet.
      Dan vraag ik de rekening. Ik betaal, sta op en loop weg. Bij de deur kijk ik nog één keer om. De dwerg lacht zijn mooiste glimlach. Even lijkt hij te zweven, licht af te geven, deze bizarre eenling in een mooiemensenwereld. Hij knikt vriendelijk naar me en ik voel me klein worden. Heel erg klein.

dinsdag 26 mei 2015

Petitie aftreden bestuur PEN

Petitie

Hierbij roepen wij het huidige bestuur van PEN Nederland op om per direct af te treden. Dit naar aanleiding van de gebeurtenissen rond het Festival van het Vrije Woord, 2 mei 2015 te Amsterdam. Hoofdspreker aldaar was de Deense cartoonist Kurt Westergaard, die al ruim twee jaar op de dodenlijst van Al Qaida staat.

PEN Nederland, als vertegenwoordigd door haar bestuur, is, door zich terug te trekken uit dit festival, gezwicht voor de terreur. PEN Nederland heeft daarmee een volstrekt verkeerd signaal afgegeven. Maar dat is niet de enige reden waarom wij oproepen tot aftreden.

PEN Nederland-voorzitter Manon Uphoff verklaarde in het NRC Handelsblad van 5 mei:  "Er werd buiten ons om besloten Westergaard uit te nodigen. We wilden betrokken worden bij de beveiliging."

Uit een reconstructie van de gebeurtenissen -bleek echter dit:

[1] Het PEN-bestuur was vanaf 19 december 2014 op de hoogte van de komst van Kurt Westergaard.
[2] Het PEN-bestuur werd - zover nodig - op de hoogte gehouden van de veiligheidsmaatregelen.
[3] Het PEN-bestuur trok zich, als enige organisatie, op 30 maart 2015 terug.
[4] Het PEN-bestuur was de enige organisatie die niet vertrouwde op de veiligheidsgaranties van burgemeester Eberhard van der Laan van Amsterdam.
[5] Het PEN-bestuur heeft de veiligheidssituatie van onderdrukte schrijvers in buitenlanden als excuus misbruikt.
[6] Het PEN-bestuur heeft na 2 mei doelbewust haar leden en het publiek gedesinformeerd.
[7] Het PEN-bestuur heeft na 2 mei doelbewust haar critici in de media zwartgemaakt/laten maken.

Wij begrijpen dat de PEN-bestuurders bang waren voor een aanslag. Dat is niet meer dan menselijk. Maar leden (dus ook bestuurders) van PEN
verplichten zich te handelen naar het PEN Charter. Dat betekent dat elk lid zich verplicht 'te strijden tegen elke vorm van onderdrukking van de
vrijheid van meningsuiting in het land en de maatschappij waartoe zij behoren.' Ook staat in het Charter: 'Leden beloven te strijden tegen de
uitwassen van een vrije pers, zoals leugenachtige publicaties, opzettelijke vervalsing en verdraaiing van feiten voor politieke of persoonlijke
doeleinden.'

Het PEN Nederland-bestuur heeft dus ook ook gehandeld tegen het PEN Charter. Daardoor maakt het zich volstrekt ongeloofwaardig.


Was getekend, de uit protest opgestapte PEN Nederland-leden

Elly de Waard, Egmond-Binnen
www.ellydewaard.nl
Bart FM Droog, Eenrum
www.bartfmdroog.com
Pam Emmerik, Rotterdam
www.pamemmerik.nl
Nelleke Noordervliet, Amsterdam
www.nellekenoordervliet.nl
Chawwa Wijnberg, Middelburg
www.chawwawijnberg.nl

alsmede de auteurs /publicisten

Jaap van den Born, Nijmegen
www.nederlandsepoezie.org/dichters/b/born.html
Koos Dalstar, Vlissingen
www.nederlandsepoezie.org/dichters/d/dalstra.html
Jürgen Eissink, Diepenheim
www.nederlandsepoezie.org/redactie/Eissink.html
Johanna Geels, Apeldoorn
johannageels.blogspot.nl
Natasha Gerson, Balkbrug
http://www.dbnl.org/auteurs/auteur.php?id=gers001
Ton van 't Hof, Amsterdam
1hundred1.tumblr.com
Tjitse Hofman, Onderdendam
www.tjitsehofman.nl
Lucas Hüsgen, Nijmegen
www.lucashusgen.net


George Knight, Utrecht
georgeknightlang.wordpress.com
Etty Mulder, Maarn
www.ettymulder.nl
Cees van Raak, Tilburg
www.ceesvanraak.nl
Hedwig Selles, Zwolle
www.nederlandsepoezie.org/dichters/s/selles.html
Kees Spiering, Noordbroek
www.keesspiering.nl
Sarah Verroen, Gargilesse (Frankrijk)
leveninfrankrijk.wordpress.com/weblog-van-sarah-verroen/
Cornelis van der Wal, Leeuwarden
www.cornelisvanderwal.nl
Nachoem M. Wijnberg, Amsterdam
www.atlascontact.nl/auteur/nachoem-m-wijnberg/

alsmede

Marc Bouwman, Delft
Egbert van Hees, Amsterdam
J. Molleman, Utrecht
E. van Schaagen, Amsterdam
Paul Zwueste, Edegem (B)


Ook tekenen?

Deze petitie is op 24 mei 2015 aangeboden aan het bestuur van PEN Nederland en zal tijdens de vervroegde Algemene Ledenvergadering ('na de zomer [van 2015]'), opnieuw worden aangeboden.

Gelijkgezinde publicisten die deze petitie willen ondertekenen kunnen zich melden bij:

Elly de Waard: info@ellydewaard.nl
Bart FM Droog; droog@epibreren.com

U hoeft hen alleen een mail te sturen, met in de berichtregel 'petitie' en in de mail uw naam en woonplaats.


De strijd om het vrije woord behoeft dappere verdedigers (of, het falen van PEN)

Schreef voor HP/DeTijd deze week een stuk over het falen van PEN.

Onlangs laaide het debat over de terugtrekking van schrijversvereniging PEN Nederland uit de organisatie van het Festival van het Vrije Woord – dat 2 mei 2015 plaatsvond – weer op.

Alhoewel, debat is een groot woord. De Nederlandse afdeling van International PEN – de waakhond van de vrijheid van meningsuiting – doet namelijk sinds het debacle haar uiterste best om zich op de vlakte te houden, tot frustratie van enkele opgestapte PEN-(bestuurs)leden die het niet eens zijn met de terugtrekking uit het festival en sindsdien via de media hun onvrede uiten.

Zo verscheen er zaterdag in de Volkskrant een openhartig artikel van Maartje Duin, die uit het bestuur stapte naar aanleiding van de kwestie. Op diezelfde dag werd een petitie in het leven geroepen door opgestapte PEN-leden en schrijvers/dichters Bart FM Droog en Elly de Waard, die tevens samen een onderzoek startten naar de gang van zaken. Zij eisen dat het bestuur van PEN aftreedt.

Na de aanslagen in Kopenhagen en op de redactie van Charlie Hebdo, bleek Westergaards komst ineens niet meer zo handig.
Wat is er precies aan de hand?

Op 2 mei jongstleden vond in De Balie te Amsterdam het Festival van het Vrije Woord plaats. Kurt Westergaard, een Deense cartoonist die alweer twee jaar op de dodenlijst van moslim-extremisten staat, was hoofdspreker. Dapper, vond ik. Ik probeerde me voor te stellen hoe het moest voelen om 24/7 een wandelend doelwit te zijn. De moed die het vereist om lezingen te geven terwijl de bedreigingen je om de oren vliegen moet groot zijn.

Ik kan mij daar weinig bij voorstellen. Zelf word ik ‘slechts’ af en toe in mails bedreigd naar aanleiding van mijn columns. Meestal moet ik oprotten naar Turkije, soms ben ik een Allahhoer, vaak een kutwijf en heel soms moet ik dood. Dat glijdt van me af als water van een eend. Behalve die keer dat ze mijn geliefden erbij betrokken, nadat ik schreef over Charlie Hebdo. Toen sliep ik even iets minder goed. Toch zal ik nooit overwegen om de toon van mijn columns aan te passen. Niet dat ik daarmee een held ben. Je zou het ook gewoon stom kunnen noemen. En nogal makkelijk trouwens, in een land als Nederland.

Muziek zwelt aan…

Gelukkig zijn er organisaties die het Vrije Woord beschermen, dacht ik ontroerd. Die opkomen voor mensen die wél serieus bedreigd worden vanwege hun mening. Schrijversvereniging PEN is zo’n organisatie.

Bzjjjjt. Terugspoelen.

Wás zo’n organisatie, moet ik zeggen. Want naarmate de terreurdreiging in de westerse wereld toeneemt, en er zowaar doden vallen, blijkt het vrije woord (en de verdediging daarvan) ineens niet meer zo vanzelfsprekend. Het begon in Amerika, in april. Zes schrijvers en tevens PEN-leden weigerden de Freedom of Expression Award uit te reiken aan de redactie van Charlie Hebdo. Hebdo zou onder andere ‘cultureel onverdraagzaam’ zijn.
“Pussies”, sneerde publicist Salman Rushdie op Twitter over de weigeraars.

‘Pussies’ heb je overal. Zo trok het PEN-bestuur Nederland zich terug uit de organisatie van Festival het Vrije Woord omdat volgens voorzitter Manon Uphoff ‘de veiligheidsrisico’s’ te groot waren. Ja dûh, dacht ik, dat is toch precies de reden dat jullie zijn opgericht? Als iedereen veilig en gezellig kan zeggen wat-ie wil, is zo’n organisatie natuurlijk niet nodig. Ook in de media barstte de kritiek los en een paar dagen later verklaarde PEN-voorzitter Manon Uphoff in het NRC Handelsblad: “Er werd buiten ons om besloten Westergaard uit te nodigen. We wilden betrokken worden bij de beveiliging.”

Lees verder op HP/DeTijd...

vrijdag 10 april 2015

Boekpresentatie Ongearticuleerd gorgelen



Op zondag 3 mei is de feestelijke boekpresentatie van 'Ongearticuleerd gorgelen', een selectie van 62 columns geschreven door dichter en auteur Johanna Geels. 

Tegelijkertijd start ook de expositie van Kees van der Knaap. 

Muziek zal worden verzorgd door Sterre Nacca (zang) en Dani Nacca (gitaar).

Iedereen is van harte welkom.

Aanvang: 15.00

Deventerstraat 13
Apeldoorn

dinsdag 10 februari 2015

Vanaf 27 februari: Ongearticuleerd gorgelen


Sinds juli 2013 schrijft dichter en auteur Johanna Geels voor HP/DeTijd wekelijks een column 'Over de absurdistische en poëtische kant van de dagelijkse dingen'. 

Ongearticuleerd gorgelen bevat een selectie van 62 columns , waaronder enkele spraakmakende berichten van Geels zoals , De tamponmonologen, Kutboeken en Godenschrijvers en Deze aanslag is niet gepleegd door de Turkse mevrouw in de straat, over de aanslag op Charlie Hebdo. 


'Johanna Geels doet een bloederig boekje open.' - Heleen van Royen

'Ik neem het graag op voor Johanna Geels. Zij heeft groot gelijk.' - Ilja Leonard Pfeijffer

'Een zeer herkenbaar stuk. Johanna weet het mooi te verwoorden.' - Maan Leo


'Drie duimpjes!' - Marlies Dekkers

Verwacht: 27 februari 2015


donderdag 8 januari 2015

Deze aanslag is niet gepleegd door de Turkse mevrouw in de straat

Column HP/DeTijd 7-1-2015:

Godverdomme. Dit is de eerste keer dat ik een column vloekend begin en als het aan mij ligt ook de laatste. Zojuist viel ik mijn huis binnen met mijn handen vol boodschappen en een mond vol post waaronder een poëzietijdschrift van uitgeverij de Manke God. Mijn telefoon bliepte. Ik las dat er een aanslag was gepleegd in Parijs op de redactie van het satirische blad Charlie Hebdo. Negen journalisten, waaronder vier tekenaars-cartoonisten, twee politieagenten en een omstander. Dood.

Op CNN schoten twee gemaskerde mannen in een straat gericht om zich heen. Volgens de verslaggever kwamen de daders net uit het gebouw van de redactie van Charlie Hebdo gerend, waar ze een bloedbad hadden aangericht.

De Manke God
De envelop van de Manke God die nog steeds tussen mijn tanden bungelde viel op de grond. Mijn ogen gingen van de naam op de envelop naar de bedreigende beelden op televisie. Ik dacht aan mijn geliefde, die ik zojuist naar de trein had gebracht. We hadden een paar dagen samen aan een project gewerkt. Mijn geliefde is tekenaar en maakt nogal eens tekeningen die wringen, bijten, schokken, controversieel zijn. Het geloof, de slaafse stupiditeit ervan, als een van zijn stokpaardjes. Dan ik. Schrijver, dichter, columnist. Ik roeptoeter in mijn columns nogal eens heftig om me heen en over grenzen denk ik eigenlijk zelden of nooit na. Ik ben immers vrij om te roepen wat ik wil?

En nu? Ik weet het niet. En dat maakt me bang. Zou ik nu op dit moment bijvoorbeeld een satirisch stuk over Mohammed durven plaatsen? Met een schokkende tekening erbij? Ik weet het eigenlijk niet. En dat maakt me verschrikkelijk boos. En onmachtig. Want wat is mijn vrijheid waard? Ik kan mijzelf dan wel vrij noemen, en heel stoer controversiële onderwerpen aansnijden, maar hoe stoer ben ik nog als er werkelijk gevaar dreigt?

Lees verder op HP/DeTijd...