vrijdag 25 november 2016

Vannacht droomde ik dat de mensheid alleen nog van tofu kon leven

Al het andere was vergiftigd of op. "Waarom" zeiden ze er niet bij. Ik vermoed iets met uitgeputte bronnen en teveel oude mensen. Ik heb niets tegen oude mensen. Oude mensen weten meer dan jonge, wat dan wel weer opgeheven wordt door het feit dat ze veel vergeten. Ik merk dat zelf al. Soms poets ik zomaar twee keer achter elkaar mijn tanden. Of laat het gas aanstaan. Eet rijstepap met basterdklonten uit een pannetje met bruine randen.Verzin codewoorden voor vergeten codewoorden. Leg sleutels onder niet-bestaande dakranden. En ik moet nog vijftig worden.

Die tofu groeide als kool. Achter bushokjes, in plantsoenen of op balkonnen. Maar vooral in mijn tuin. Of eigenlijk, nu ik er nog eens goed over nadenk, bijna alleen in mijn tuin. Aan elke tofuplantenstengel hing zo’n vierkant blok bleek in de zon te bungelen. Met netten erboven, want de vogels en slakken aten ook alleen nog maar tofu. Gefrituurd was het lekkerst.  Dan krulden ze om en werden fijn knapperig.

Ik was de enige op de wereld met een frituurpan. Dus kwam iedereen bij mij. Vanaf mijn deur slingerden lange rijen de wereld in. Als je van boven naar beneden keek was dat een machtig gezicht. Sommige rijen splitsten zich zodat het wortels leken in een grond. Haarvaatjes in een wang. De rijen werden zo lang dat de mensen achterin niet eens meer wisten waarom ze daar stonden. Overal ter wereld kon je aansluiten om pas na weken wachten en langzaam voortschuifelen erachter te komen dat je op weg was naar de gefrituurde tofu van JG.

Er zijn ook mensen die tofu tahoe noemen, maar daar ben ik niet zo voor. Tahoe klinkt als een geloof. En je kunt lang wachten of kort wachten, maar daar komt geheid ruzie van.


maandag 21 november 2016

Lepeldood

vandaag woon ik in een wastafel, waar ik met een oranje markeerstift
woorden op het porselein schrijf

als ik met mijn ogen knipper glijden ze naar het afvoerputje
er is zelden een woord dat niet door de gaatjes past

er zijn er die ik moet onderscheppen op straffe van eeuwige opsluiting      
gebaksdoos bijvoorbeeld

gebaksdoos is een woord als een grindtegel
konijnenpoffertje daarentegen glijdt zo fijn vanzelf 
langs het koude glazuur

sommige durf ik niet op te schrijven
woorden die mooi lijken maar waarachter je makkelijk blijft haken
zoals defibrilleerverpleegsters
meteorologische cholesteroluilen
lepeldood